Eén van onze vele fijne buurvrouwen kreeg van haar ‘consuegros’ de vraag of ze iemand kent die meubelen restaureert. Dat was nogal het geval: uw ootmoedige dienaar.
Buurvrouw en ik spoedden ons naar het Pajottenland waar wij oog in oog stonden met een erfstuk dat al een paar generaties van moeder op dochter wordt doorgegeven. Haar toestand was … euh, best beroerd.
Die van de kast, niet van de eigenares.
“Zie je het nog zitten”, vroeg ze al lachend na een korte inspectie. Dat was — u raadt het al — opnieuw het geval.
